Ronde 33: Spannende ontknoping

Een luttele zes Keizerpunten was uiteindelijk het verschil tussen de nummers 1 en 2 op de ranglijst. Na bijna 30 gespeelde partijen is dat 0,08 matchpunt. In Doesburg hielden ze na de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen bij een enkele stem verschil driemaal een hertelling met driemaal een ander resultaat, maar daar beginnen wij niet aan. Henri Abbink is de kampioen (maar liefst voor de 18e keer) en titelverdediger Marcel Krosenbrink is (voor de negende keer) tweede.

De nieuwe clubkampioen in het begin van zijn partij.

Eén van de weinig nadelen van het door WSG gespeelde Keizersysteem is dat bij een close finish het onmogelijk is om te doorzien welk resultaat je precies nodig hebt om een kloof te overbruggen. Maar het was in ieder geval duidelijk dat Henri bij winst altijd kampioen zou zijn. Tenminste als Marcel zelf zou winnen van Henk Doppenberg. En dat deed hij.

Zwart heeft b6 gespeeld en werd toen verrast door de zet Lb5, waarmee de complicaties toenemen. Na 17. ….d4, volgde de slagwisseling, 18. cxd4 Pxd4, 19. Pxd4 exd4, 20. Pxa4 fxe3 en bleek 21. Dh4+ Df2, 22. Db4+ beslissend. Henri kwam ook gewonnen te staan tegen Luc van Harxen.

Wit (Luc) is hier aan zet. De computer geeft b5 als de beste zet en dat geeft te denken. Na een koningszet is het winstplan Pd6, Lf5, Pb5, Lxb1, Kb3. Henri wist deze manoeuvre niet te vinden en moest in remise berusten. En toen was het afwachten wat het verdict van het rekenprogramma zou zijn. En voor Henri pakte dat nog net goed uit. De felicitaties zijn voor hem. Hij wist tegen zijn grootste concurrent 2,5 uit 3 te halen, dus op basis van het onderling resultaat een zeer overtuigend kampioenschap..
Zelfs als Marcel Krosenbrink van Henk Doppenberg zou winnen. Altijd lastig te voorspellen met die Keizerpunten.

Ook in de B-groep bleek de voorspelling van de Keizerpunten lastig. Bert te Sligte kon Alfred Schley nog voorbij, maar alleen als hij zelf zou winnen van Paul van der Lee en Alfred niet zou winnen van Manfred Schmeing. En misschien was zelfs dat niet nodig voor Alfred. Alfred kwam vrij snel remise overeen, maar Bert had intussen een goede stelling opgebouwd en hij wist met een mooie zet twee pionnen te winnen.

Na Lxd5 wint wit twee pionnen. Als zwart terugneemt met exd5 volgt Dxd5+ en het paard op c6 valt. Na het gespeelde ….Pb4, kan wit met Lxe6+ een tweede pion winnen. Bert speelde het goed uit en won op de valreep nog de B-groep. Hier was het verschil uiteindelijk 12 punten, zo’n 0,18 matchpunt.

In de C-groep stond Henk Doppenberg op pole position, maar hij had met Marcel Krosenbrink wel een zware tegenstander.  Concurrent Henk te Brinke moest het opnemen tegen Dries van ’t Slot, die als enige op de slotdag al zeker was van winst in de D-groep. Omdat Henk (D) verloor was een overwinning voor Henk (teB) voldoende voor de eerste plaats in de C.

Zwart (Dries) heeft de dame voor een toren en een licht stuk, maar wit staat veel actiever. En dat toont Henk aan met Txc7 ! Na ….Txc7 volgt Td8+ Kg7, Tg8 mat. (verslag MK)