Ronde 9: Heet avondje

De verwarming in de speelzaal van het WSG was met de winter in zicht alweer behoorlijk opgeschroefd tot bejaardenhuistemperatuur. En één van de spelers deed zijn wintertrui maar uit om het niet te warm te krijgen, maar een ander speelde nog met zijn jas aan. Dus misschien stond de thermostaat toch op de stand die de schaker gemiddeld behaaglijk vindt. Het is ook maar wat je gewend bent.
Bij Marcel Kok was het al snel code Rood, niet vanwege de temperatuur, maar vanwege zijn stelling. Hij heeft mij verruïneerd, was zijn commentaar na afloop in fraaie Haagse tongval die ik op papier niet na kan doen. Maar alle complimenten voor zijn tegenstander Anoop Mony, die terug is van tijdelijk weggeweest. Verleerd is hij het zeker niet.
De langste partij van de avond was die tussen Henri Abbink en Jochem Mullink. Maar daar zaten dan ook 23 clubkampioenschappen achter het bord. Toen zesvoudig kampioen Herby Aalbers nog als toeschouwer opdook, kwamen daar nog eens zes titels bij. Jochem won een pion op h2, maar Henri wist noch tegenspel te creëren en een enkele keer was hij in het eindspel binnen de remisemarge. In tijdnood moest hij echter een moeilijke keuze maken waar zijn koning naar toe moest.

Wit staat schaak. Henri speelde actief Kc3, maar toen was Jochem er als de kippen bij om één van zijn eerste schaaklessen in de praktijk te brengen. Namelijk dat een pionnen eindspel met pluspion (bijna) altijd gewonnen is. Na Kc3 volgde De5+, Dxe5 fxe5 en zwart had zijn dubbelpion opgelost en staat gewonnen. Na het passievere Ke1 was het nog een hele klus geworden voor zwart om te winnen,
omdat zijn pluspion een dubbelpion is en zijn structuur versplinterd.

De op één na laatste partij speelden Alfred Schley en Bert te Sligte. De Vorentscheidung viel in onderstaande stelling.

Bert heeft met zijn loper op d4 een pion gepakt en dat is een heel mooie zet. Als wit terugneemt met de pion verliest hij namelijk nog een pion. Na exd4 Pxd4 kan wit namelijk niet meer met zijn dame de loper dekken.
Een knappe prestatie leverde Bram Wilterdink, die Manfred Schmeing (toch 200 ratingpunten meer) op remise wist te houden. Daarmee is Bram opgerukt naar de 13e plaats, waarmee hij overigens nog niet de beste speler uit de C-groep is. Dat is Henk te Brinke, die tegen Henk Doppenberg een truc op het bord zette die twee pionnen opleverede. (verslag MK)