Maandelijks archief: mei 2019

SBO-cup voor WSG

De mogelijk allerlaatste SBO-cup is gewonnen door WSG. In en tegen Lonneker werd het 1,5-2,5. De uitslag die ook al in de kwart en halve finale door WSG werd bereikt. De afgelopen jaren wist Lonneker in diverse cups regelmatig van WSG te winnen, dus een spannend duel tussen twee gelijkwaardige teams was voorzien. Bert te Sligte zette een prima prestatie neer als eerste een vol punt te scoren tegen de op papier sterkste speler van Lonneker, die echter in de opening al een stuk kwijtraakte. Arent Luimes kreeg een offer te verwerken, maar hij verdedigde zich daar goed tegen. Gerard Harbers zat echter wel in de problemen. Henrik Lösing wikkelde aan het eerste bord af naar een remise toreneindspel. Vlak nadat deze partij inderdaad remise werd, wist Luimes zijn partij te winnen en was de wedstrijd gespeeld. Harbers speelde nog een eindspel T tegen T+pi. Hoewel er remisekansen waren, hield hij dat niet droog, maar de beker was toen al voor WSG.

Bram jeugdkampioen

Bram Wilterdink is kampioen geworden van de jeugdafdeling. Na 24 ronden stond hij duidelijk bovenaan met slechts één verliespartij in het hele seizoen. Sylvan Vrieze heeft de tweede plaats voor zich opgeëist en ook dat zat er al enkele ronden aan te komen. Voor de derde plaats was het nog wel spannend. Omdat de nummers drie, vier en vijf in de 24e ronde allemaal wonnen, wist Emma Menkhorst de derde plaats nipt in haar bezit te houden. Nathan en Raphaël zaten haar op de hielen.

Uitslagen ronde 24: Bram-Noëla 1-0, Loraine-Sylvan 0-1, Julia-Emma 0-1, Sem-Nathan 0-1, Raphaël-Ruben V 1-0, Bas-Thomas 1-0.

In memoriam Henk Lurvink

Deze week kregen wij het bericht dat Henk Lurvink op 13 mei is overleden. Hij is 85 jaar geworden. Henk was al lange tijd ziek, maar pas recent ging zijn gezondheidstoestand echt achteruit.

Ik herinner me Henk vooral als een enorm aardige man. Ik kan me nauwelijks voorstellen dat hij in de 22 jaar dat hij lid was van het WSG ook maar ooit met iemand onenigheid heeft gehad. Henk was bescheiden en hoefde niet op de voorgrond te treden. Toen ik hem een keer zijn al betaalde bijdrage van de barbecue wilde teruggeven, omdat hij op het laatste moment niet aanwezig kon zijn, was zijn reactie tekenend: “Laat maar zitten, de club kan er vast goede dingen mee doen”.

Bij een bescheiden man als Henk praat je niet als eerste over zijn schaakprestaties, maar niet onvermeld mag blijven dat hij een heel goede speler was. In zijn beste tijd hoorde Henk tot de topspelers van de Achterhoek. Hij had zo ongeveer een abonnement op het kampioenschap van Aalten. Toen hij op latere leeftijd ook bij WSG ging spelen, was Henk nog steeds een prima schaker, maar hij wilde volgens mij liever een mooie partij dan een goed resultaat. Soms vergat hij in de laatste fase de klok in te drukken. Als medespeler in een teamwedstrijd werd je daar wel eens knap zenuwachtig van, maar Henk zelf liet zich niet gek maken. En als hij onverhoopt verloren had, dan accepteerde hij dat.

Een sympathieke man heeft ons verlaten. Wij zullen dat in gedachten houden.

Marcel Krosenbrink, voorzitter WSG

Ronde 30: Jochem Mullink op titelkoers

De nummers 1 en 2 van de ranglijst, Jochem Mullink en Henri Abbink, speelden tegen elkaar. Het was eigenlijk de partij, die uit zou maken wie de meeste kansen heeft om clubkampioen van dit seizoen te worden. Aanvankelijk kwam de partij wat kabbelend op gang. Henri zocht met zwart de aanval via de D-vleugel. Maar dit sloeg niet door en Jochem counterde aan de andere kant. Na enkele hachelijke afruiltjes hield Jochem vier verbonden pionnen plus paard over. Daar kon Henri een toren en een  ‘buitenspel staande’ pion tegenover zetten. Jochem bleef koelbloedig, zoals we hem kennen, en rukte langzaam met de pionnen op. Henri gaf op. Met nog drie ronden te gaan is Jochem praktisch zo goed als niet meer te achterhalen.

Met lopers van ongelijke kleur zag het er tussen Oscar Wamelink en Marcel Krosenbrink remiseachtig uit. Ook al won Marcel een pion, het leek houdbaar. Een onvoorzien mat gooide roet in het eten en Oscar moest de koning omleggen. Hij blijft daarmee wel eerste van de B-groep. Zijn naaste belager, Alfred Schley, heeft niet voldoende partijen gespeeld voor die titel, vooropgesteld dat hij Oscar nog zou inhalen. Han Schuurmans speelde onlangs ternauwernood remise tegen Thiemen Dekker. Toen al kroop hij door het oog van de naald. Nu offerde Han een pion met de gedachte die terug te winnen waarna de koning op de tocht kwam te staan. Dat was echter niet zo en de pionwinst werd later stukwinst en tenslotte was het punt knap voor Thiemen. Alfred Schley speelde het Morragambiet tegen Han van de Laar. Han sloeg echter niet door op c3 maar koos voor een andere variant. Hoewel Alfred ruimtevoordeel kreeg, werd er na een flinke afruil toch tot remise besloten. De angel was toen al wel uit de stelling. Henk te Brinke liet zijn paard insluiten tegen Evi Maris. Evi kon een flinke aanval opzetten en Henk moest alle zeilen bijzetten om de stelling te houden. Uiteindelijk kwam hij toch een zeil tekort en hij kapseisde. Ook Lauri Maris kon tegen Jan Willem Klein Poelhuis het volle punt bijschrijven. Ze had al een voorsprong van twee pionnen, maar toen het er vier waren gaf Jan Willem maar op. Lauri neemt, geholpen door haar zus, de koppositie in de C-groep over. Erik Maris kon niet het derde Marispunt  scoren. Henk van Beek maakte eens geen blunder, zoals hij zelf zei. Hij wilde ook geen remise toen Erik het aanbod. Met een mooie manoeuvreerpartij haalde hij het punt binnen.

Frank Roodzant onderschatte zijn tegenstander. Wellicht wat overmoedig geworden omdat hij tegen Freek Deunk al vrij snel goed stond en de kwaliteit had gewonnen, liet hij de partij door zijn vingers glippen. Freek hield stand en nam het initiatief langzaam maar zeker over. Hoewel hij twee keer een mat mistte was het punt na lange strijd wel voor Freek. Jaap Wolters speelde traditiegetrouw 1. b4. Henk Wiggers wist niet goed hoe dat te weerleggen en zag Jaap langzamerhand oprukken. Toen Jaap met een mooie combinatie materiaal won was het alleen nog een kwestie van tijd. Puntje voor Jaap. David Poole kreeg een ingewikkelde aanval te verduren van Paul Dekker. Het leek erop dat deze de doorslag zou geven, maar David wist zich te handhaven en kwam in het voordeel. Dat voordeel nam Paul weer over en hij leek als eerste een dame en wellicht daarmee ook de winst te halen. Echter, het liep anders. Twee keer over haalden beiden tegelijk een dame, maar die laatste van David stond gunstiger en hij trok de partij naar zich toe. Paul heeft het toch ergens laten liggen. Jan Eckhardt won van Ulf Bierkämper. Hoe anders had het kunnen lopen als Ulf de dame had gepakt die Jan in liet staan, maar Ulf overzag het en kwam zo materiaal achter. Jan: “Het had moeilijk voor mij kunnen worden, maar uiteindelijk viel het wel mee.”

Jochem neemt alvast een voorschot op de titel

Viertal Kampioen

Omdat Park Stokhorst de laatste wedstrijd won tegen Max Euwe is het viertal van WSG kampioen geworden in de vijfde klasse. En dat met slechts zeven punten uit zes wedstrijden. De nummer laatst in deze spannende klasse had vijf punten uit zes wedstrijden.

Doek gevallen voor WSG 1

Voor het begin van de laatste ronde had WSG 1 nog een kleine kans om degradatie te ontlopen. Zelf moest er dan, liefst ruim, gewonnen worden van Assen en Apeldoorn mocht geen punt pakken in Groningen. En hoewel zowel Groningen als Apeldoorn genoeg hadden aan een gelijkspel, deed Groningen zijn sportieve plicht en won van Apeldoorn. Maar dat mocht niet baten, want WSG had eigenlijk nooit uitzicht op een zege tegen Assen.
Klaudio Kolakovic speelde een prima partij tegen de hoogstgerate tegenstander en in zijn eigen tijdnood bood hij remise aan. Henrik Lösing zag iets over het hoofd en verloor. Daarna duurde het een hele tijd voordat er weer wat gebeurde op het scorebord. Khaled Darwisch had wel een aardig ogende aanval, maar ook twee pionnen minder. Zijn tegenstander hield de deur dicht en won. Gerard Harbers kwam een pion achter in het eindspel en kon dat niet meer keepen. Christian Völker speelde tegen de op papier minste Assenaar en wist dat in de partij ook aan te tonen. Arjan van Lith had aanvankelijk druk op een pion, maar toen zijn tegenstander een aanval op de koning inzette, moest hij materiaal geven. Jochem Mullink stond ene pion achter, maar daarvoor had hij tegenspel. Het dubbel toreneindspel dat resteerde bleek remise. Reinhard Funke (of zijn tegenstander) speelde nog lang door met een kwaliteit tegen eerst twee en later één pion. Maar toen zwart geen enkele pion meer had, moest hij in remise berusten: 2,5-5,5.

WSG 2 blijft derdeklasser

WSG 2 heeft zich door een onverwachte zege op Max Euwe 2 toch nog weten te handhaven in de derde klasse. De ploeg uit Enschede is op papier één van de sterkste teams, maar kwam met maar liefst vijf invallers naar Winterswijk en liet ook nog een bord onbezet.
Een uitgelezen kans voor WSG om punten te gaan pakken. Omdat één partij vooruit gespeeld was, begon de match met 1-1. Maar ondanks een aardig ratingoverwicht ging het daarna aanvankelijk allemaal nog niet zo makkelijk. Pas na tweeënhalf uur kwam er enige tekening in de strijd. Emma de Vries won een kwaliteit en Bert te Sligte kreeg twee stukken voor de toren. Hennie Meijer zat al de hele tijd in een toreneindspel met pluspion en Dick van Wamelen wist zijn materiële voorsprong een beslissende vorm te geven. Hij had een toren en een stuk tegen vier pionnen. Han Schuurmans had ook een pion gewonnen. Dat bleek echter niet genoeg voor de winst. Zijn tegenstander wist er met actief tegenspel nog een remise uit te slepen. Henri Abbink kende de opening beter dan zijn jonge opponent. Nadat hij de a-pion had veroverd kon hij het afmaken. Hennie Meijer had zijn toreneindspel omgezet in een gewonnen pionneneindspel. Bert te Sligte wist in de slotfase toch nog groot materiaal te winnen en won ook: 6½-1½.

Natuurlijk heeft het WSG tweemaal niet tegengezeten met de opstelling van de tegenstander, maar anderzijds heeft het team dat met de laagste rating aan het seizoen begon alle kansen op punten benut.

Spanning rond derde plaats

In de voorlaatste ronde van de jeugdcompetitie verloren de nummers twee en drie van de ranglijst. Voor Sylvan zal dat geen consequenties hebben, maar Emma zal in de laatste ronde nog wel moeten winnen om de derde plaats vast te houden. Anders maken Nathan of Raphaël ook nog een kans op het podium.
Uitslagen:  Loraine-Bram 0-1, Sylvan-Ruben V 0-1, Raphaël-Emma 1-0, Nathan-Thomas 1-0, Thijn-Julia ½-½, Noëla-Bas 0-1, Sem-Loraine 0-1.

WSG viertal op titelkoers

Na de eerste zege in ronde vijf was het WSG-viertal opeens titelkandidaat. In ronde zes kwam HEC 2 op bezoek in Winterswijk. Bij winst zou WSG in ieder geval HEC voorbijgaan en moeten afwachten wat Max Euwe volgende week tegen Park Stokhorst gaat doen. Na anderhalf uur spelen zag het er niet zo goed uit voor WSG. Ulf Bierkämper had al zijn koning moeten omleggen. André Houwers stond een pion achter en ook Daan Slager miste een pion. Die had hij echter in de opening geofferd. David Poole stond weliswaar materiaal voor, maar zijn koning stond zo bloot als een zonneaanbidder op het naaktstrand. Langzaam ging echter het tij keren. Daan bouwde aan een goede aanval over de f-lijn en ondanks een verkeerde slagwisseling kwam hij toch terecht in een gewonnen toreneindspel. David verdedigde goed en met elke ruil kwam zijn koning veiliger te staan. Uiteindelijk behaalde David zijn vierde zege (en één remise) uit vijf partijen. André Houwers moest het nu gaan doen. Hij bouwde constant wat dreigingen tegen de vijandelijke koning en dat leverde uiteindelijk succes op.

Na maandag weten we of het kampioenschap een feit is. (MK)


WSG viertal speelt tegen HEC (Haaksbergen). Bord 4 (rechts) Ulf Bierkämper en daarnaast David Poole (3), Daan Slager (2) en André Houwers (1).

Ronde 29: Goede zaken

Een paar spelers deden goede zaken deze ronde. Zo versterkten Jochem Mullink, Oscar Wamelink en Jaap Wolters hun kopposities in respectievelijk  de A-B-D groep. Henk te Brinke, koploper van de C groep, speelde zelf niet, maar ook hij blijft bovenaan staan.

Aanvankelijk kon Han Schuurmans Jochem Mullink nog bijbenen, maar hij kwam langzamerhand toch wel wat minder te staan. Stukverlies deed hem de das om. Henri Abbink probeerde van alles om gelijke tred te houden met Jochem. Echter Han van de Laar verdedigde zich taai en vond in lastige stellingen steeds de goede oplossingen. Verder dan remise kwam Henri dan ook niet. Marcel Krosenbrink kwam al snel een pion voor tegen Alfred Schley. Deze had echter het loperpaar en met 7 tegen 6 pionnen voor Alfred, was hij nog niet kansloos. Toen het pionnenleger gedecimeerd was tot ieders vier stuks, dacht Marcel, die inmiddels in tijdnood was, een stuk te winnen. Dat was ook wel zo, maar de prijs was hoog, want Alfred kon allerlei dreigingen inbouwen. Met nog maar een paar seconden op de klok gaf Marcel op. Alfred blijft het met acht uit elf goed doen.

Oscar Wamelink ging er eens goed voor zitten tegen Reinhard Cvetkovic. Op papier is Reinhard sterker dan Oscar, maar dat bleek niet op het bord. Na de korte rokade van Reinhard kon Oscar met twee paarden toeslaan op g7. Daarmee een bres schietend in Reinhards verdediging. De rest was een kwestie van rustig uitspelen. Bij Gerard Klein Langenhorst en Evi Maris ontstond een lastige stelling op het bord. De centrumpionnen werden snel afgeruild, maar Evi had met haar stukken meer ruimte en overwicht. Dat benutte ze door steeds met mat of materiaalwinst te dreigen. Gerard moest wel hout geven om dat te verhinderen. Ondertussen kroop de tijd op zijn klok verder. Evi liet niet meer los. Ook Lauri Maris greep haar tegenstander Frank Roodzant naar de strot. Frank kreeg nog wel tegenkansen en leek zelfs even mat te kunnen zetten met dame en paard, dan wel eeuwig schaak te forceren. Maar Lauri die ondertussen met twee dames en toren ten aanval was getogen liet Frank niet meer ontsnappen. “Kan ik de tweede helft van het voetbal nog zien”, was zijn berustende commentaar.

Jan Willem Klein Poelhuis hield lang stand tegen Manfred Schmeing. Manfred had echter het loperpaar tegen loper-paard en hij kon met zijn aanval van de ene diagonaal naar de andere switchen. Jan Willem moest steeds meer verzwakkingen toestaan. De laatste werd hem fataal, een ondekbaar mat volgde. Kay Ruesink wilde Jaap Wolters wel voldoende weerwoord geven. Aanvankelijk lukte dat ook wel. Maar Jaap won met zijn paard een toren. Toen het nog een stuk erbij werd, gaf Kay maar op. “Dit valt niet meer te winnen”, zou hij over de stelling zeggen. Ook Dick Labee kwam tegen Jan Eckhardt twee stukken achter en ook Dick zag het hopeloze van zijn stelling in en gaf op. Henk Freriks en Henk van Beek speelden tegen elkaar. Zoals wel vaker houden beiden elkaar goed in evenwicht. Ook in deze editie kwam er geen winnaar uit de partij te voorschijn. Beiden waren met het resultaat wel tevreden. Niet verloren in ieder geval.